Zelfzorg: zelfzorg op reis
Helemaal zomerproof
Zijn de koffers al gepakt? Staat wellicht de caravan al voor de deur? Of zoek je een bestemming in Nederland? Ook thuisblijvers doen er verstandig aan om helemaal zomerproof te zijn nu het zonnetje volop schijnt en de vakantie voor velen voor de deur staat.
Reisziekte
Wanneer je niet lekker wordt tijdens het reizen in een vervoermiddel, zoals auto, bus, trein, boot of vliegtuig, dan kan er sprake zijn van reisziekte. Reisziekte – afhankelijk van het type vervoermiddel ook wel wagenziekte of zeeziekte genoemd – heeft te maken met een tegenstrijdigheid tussen wat je ziet en wat het evenwichtsorgaan ervaart. Je ziet namelijk dat je beweegt, maar het evenwichtsorgaan en dus je lichaam registreren dat je stilzit. Deze tegenstrijdigheid veroorzaakt verwarring, waardoor je lichaam extra histamine gaat aanmaken. Hierdoor voel je je misselijk, benauwd of duizelig. Vaak gaat reisziekte gepaard met overgeven. Het komt vooral voor bij kinderen tussen de twee en tien jaar, omdat bij hen het evenwichtsorgaan nog niet helemaal is ontwikkeld. Toch hebben tieners en volwassenen er ook regelmatig last van. Bij reisziekte is het verstandig om kleine beetjes te eten, vooruit te rijden, als het kan voorin te zitten, met de weg mee te kijken, slapen, een raampje open te doen en een zelfzorggeneesmiddel te gebruiken om de klachten te beperken.
Darmproblemen
De verandering van klimaat, spijs en leefritme kan de darmen ontregelen. Dat kan zich uiten in diarree of obstipatie. Obstipatie is een verharding van de ontlasting. Er wordt dan te veel water onttrokken aan de ontlasting waardoor deze harder wordt en moeilijk het lichaam verlaat. Bij obstipatie merk je dat je normale stoelgangpatroon is verminderd. Soms gaat het gepaard met een pijnlijk of opgeblazen gevoel in de buik. Het advies luidt: niet persen (dit vergroot de kans op aambeien), neem de tijd voor de stoelgang, drink voldoende water, eet voldoende vezels (rauwkost, vers fruit, bruin brood), beweeg en gebruik alleen wanneer het helemaal niet overgaat een laxeermiddel. Maar let wel: bij langdurig gebruik kunnen laxeermiddelen juist obstipatie veroorzaken (ook de middelen op kruidenbasis). Obstipatie komt vaak voor tijdens het reizen naar de vakantiebestemming toe. Tijdens een reis kun je nu eenmaal niet altijd meteen naar het toilet wanneer er aandrang is.
Diarree
Diarree kan vaak voorkomen wanneer het warm is. Dit komt vooral doordat ziektekiemen die diarree veroorzaken beter gedijen onder warme omstandigheden waardoor (drink)water en voedsel makkelijker besmet kunnen raken. Diarree is een dunne, waterige ontlasting. Door een infectie of irritatie van de darmwand worden de vocht- en zouthuishouding verstoord. Veel verteringssappen passeren de darmwand niet en blijven bij de ontlasting, waardoor deze dun blijft. De darmen zitten hierdoor sneller ‘vol’ en werken sneller om de ontlasting te verwijderen. De peristaltiek (samentrekkingen) in de darmen neemt toe en de darminhoud wordt versneld naar buiten gewerkt. De peristaltiek wordt vaak ervaren als pijnlijke darmkrampen. Aangezien je ook wel eens zomaar een dunnere ontlasting kunt hebben, spreken we pas van diarree wanneer iemand meer dan drie keer in een korte tijdsperiode naar het toilet moet. Soms gaat de diarree gepaard met overgeven en zou er sprake kunnen zijn van voedselvergiftiging.
Voedselvergiftiging
Een voedselvergiftiging kan ontstaan doordat je iets verkeerds of bedorvens hebt gegeten of gedronken. Meestal ontstaat dit door gebrekkige hygiëne in de bereiding van voedsel of dat etenswaar te lang buiten de koeling heeft gestaan. Vooral bij zuivel, vis en vlees is dit snel het geval. Wanneer je de barbecue aansteekt, is het daarom beter om vlees zolang mogelijk in de koeling te laten en pas eruit te halen wanneer het ook daadwerkelijk op de grill gaat. Ook ‘vervuild’ water is een oorzaak van voedselvergiftiging. Drink daarom - vooral in het buitenland – geen water uit een kraan, maar neem een flesje mineraalwater. Bij een voedselvergiftiging hou je niets binnen. Blijf wel voldoende drinken – ook al komt dat er vaak weer uit – om uitdroging te voorkomen. Het is verstandig bij uitdrogingsverschijnselen meteen een arts in te schakelen.
Lees verder in Lijfblad 6-2010






